Noordwijk  

Noordwijk is een klein dorp, met ongeveer 460 inwoners, in het noorden van de gemeente Marum. Het dorp ligt aan de weg van Marum, via De Snipperij, naar de gemeente Gootegast. De naam Noordwijk zou zijn afgeleid van ‘buurt (wijk) ten noorden van Marum’. Noordwijk ontstond in de vroege Middeleeuwen op een dekzandrug. Het heeft een lintbebouwing langs de Provincialeweg en de Westerweg en wordt daarom een ‘wegdorp’ genoemd.

Ten zuidwesten en zuiden van Noordwijk liggen de buurtschappen ’t Zethuis en Balktil.

Kerk

Midden in het dorp, op een opgeworpen heuvel, staat de kerk, die dateert uit het begin van de veertiende eeuw. Op de toren staat een rijzende leeuw. Deze leeuw duidt op de geslachten Von Inn- und Knipphausen en Lewe van Aduard, ooit collatoren van deze kerk. De kerkruimte wordt afgedekt door een gestuukt tooggewelf.

De preekstoel tegen de oostwand, dateert uit het eerste kwart van de 17e eeuw en is in Hollandse Renaissancestijl gebouwd. Deze kansel is afkomstig uit de Hervormde kerk van Leek en werd in 1752 in de kerk van Noordwijk geplaatst.

In 2005 is het kerkgebouw volledig gerestaureerd en kreeg het zijn oorspronkelijke okergele kleur terug. Sinds deze restauratie is de inrichting weer gelijk aan die van het einde van de 19e eeuw. Tegenwoordig wordt het kerkje vooral gebruikt voor lezingen, tentoonstellingen en zang- en muziekuitvoeringen. Eigenaar is de Stichting Oude Groninger Kerken.

Leedaanzeggerspad

Vanaf het lijkhuisje achter de kerk loopt het ‘Leedaanzeggerspad’, een informatieve wandeling, waarin de geschiedenis van het dorp in de 19e eeuw behandeld wordt.

Van Oekelen-orgel

In de kerk van Noordwijk bevindt zich sinds 1871 een orgel, gebouwd door de orgelbouwer Petrus van Oeckelen (1792 – 1878).

Petrus van Oeckelen

Hij was een veelzijdige musicus en zoon van orgelmaker Cornelis van Oeckelen (1762-1837) te Breda. In 1810 vertrok hij naar Groningen en vestigde in 1838 een orgelmakerij in Harenermolen. Van Oeckelen had goede contacten met de invloedrijke jonkheer Samuel Wolther Trip (1804-1886).

De klank van de orgels van Petrus van Oeckelen lijkt nog sterk op die van andere Groningse orgels uit de 18de eeuw. Zijn zoons leverden later tussen 1818 en 1918 meer orgels met met achtvoetsregisters en fraaier klinkende orgels. De Van Oeckelens bleven echter een conservatieve stijl aanhouden. Gedurende de eeuw dat het bedrijf bestond, is er dan ook een duidelijke eigen stijl te herkennen. In de twintigste eeuw werden veel Van Oeckelen-orgels jammer genoeg verbouwd. Inmiddels is Van Oeckelen geheel gerehabiliteerd.